BAKLAVA (BLADERDEEG MET AMANDELSPIJS)

AMANDELSPIJS

500 g geplette amandelen

125 g fijne suiker

100 g boter

BLADERDEEG

500 g zeer fijn griesmeel

250 g bloem

250 g boter

1 ei

50 g hele, gepelde amandelen

zetmeel

liter honing

1 snuifje zout

1 lepel oranjebloesem (facultatief)

500 g geplette pistaches

Maak de amandelspijs: doe de amandelen in een terrine, voeg er de suiker aan toe en meng goed. Laat de boter op een zacht vuurtje smelten zonder bruin te worden en giet haar dan in de terrine. Meng door de spijs met de handen uiteen te wrijven, zoals bij couscous. Zet de bereiding even opzij.

Maak het bladerdeeg: laat de boter op een zacht vuurtje smelten zonder bruin te worden. Meng het heel fijne griesmeel en de bloem in een kom. Voeg er twee eetlepels gesmolten boter en een snuifje zout aan toe. Kneed onder geleidelijke toevoeging van water tot u een vrij stevig deeg bekomt. Kneed het deeg geruime tijd (ongeveer dertig minuten) om het zacht te maken.

Kluts het ei met een vork en giet het over het deeg. Kneed nog eens dertig minuten.

Verdeel het deeg in 12 gelijke stukken en rol elk stuk uit met de deegrol. Bestrooi af en toe met aardappelmeel. Rol zolang tot u flinterdunne blaadjes krijgt.

Beboter een ronde bakvorm en leg er 5 velletjes in, die je eerst met een kwastje ingesmeerd hebt met gesmolten boter. Verdeel de helft van de amandelspijs over het vijfde blaadje en dek af met twee andere velletjes. Vergeet die ook niet met boter in te smeren. Bovenop komt de andere helft van de amandelspijs. Leg er tenslotte de laatste vijf deegblaadjes op, eveneens beboterd.

De oven op 200 C voorverwarmen (thermostaat 6). Snij met een mes diepe ruitvormige groeven in het gebak. Overgiet tenslotte het bladerdeeg met twee eetlepels gesmolten boter. Plaats de bakvorm in de oven en laat drie kwartier tot een uur staan tot de bovenkant van het deeg mooi goudbruin is.

Vijf minuten voor het einde van de baktijd de honing in een pannetje smelten op een laag vuurtje. Overgiet het bladerdeeg met de gesmolten honing en laat twee dagen intrekken.

Snij na die tijd de ruitvormen weer mooi in en leg de baklava’s in schaaltjes van geplooid papier.

Voor een twintigtal stuks.

voorbereiding : 1u30, bereidingstijd : 45 min, maceratie : 2 dagen

gebied : Noord-Afrika

gerechtsoort : gebak

bron : De Noord-Afrikaanse keuken / Ouria Lamrani