Het parelhoen stamt
oorspronkelijk uit Afrika. Dit familielid van de fazant heeft
tamelijk donker gekleurd, mals vlees met een zweem van een
wildsmaak.
Voor deze smoorschotel kiest u bij voorkeur kleine, zwarte
olijven uit Tunesië. Deze hebben een opvallende smaak die zeer
goed past bij gevogelte.
1 panklare parelhoen
(circa 1,5 kg)
100 g uien
2 tenen knoflook
50 g bleekselderij
zout
versgemalen zwarte peper
3 eetl olie
¼ theel saffraandraadjes
½ theel gemberpoeder
¼ l hete kippenfond
200 g pompoen
100 g Tunesische olijven (sahli)
1 theel verse munt, in flintertjes
Spoel het parelhoen van
binnen en van buiten schoon onder de koude kraan en dep het
daarna zorgvuldig droog. Verdeel het parelhoen vervolgens in 12
stukken.
Pel de uien en knoflook. Was de bleekselderij. Hak de uien en
selderij fijn. Snijd de knoflook in dunne plakjes.
Bestrooi de stukken parelhoen met wat peper en zout. Verhit de
olie in een ruime koekenpan en braad er het vlees aan alle kanten
in aan. Voeg de uitjes, selderij en knoflook toe en laat ze
enkele minuten meebakken.
Breng het vleesmengsel op smaak met zout, peper, de saffraan en
het gemberpoeder. Blus af met de hete fond. Laat alles 25 tot 30
minuten smoren boven een laag vuur.
Schil intussen de pompoen en verwijder de draden en het zaad.
Snijd het vruchtvlees in plakjes van circa 3 mm dik en vervolgens
in staafjes. Voeg de staafjes pompoen 5 minuten voor het einde
van de kooktijd toe aan het vlees. Voeg ook de olijven toe.
Schep het gerecht in een schaal en bestrooi het met munt. Dien
onmiddellijk op.
4 personen
land : Tunesië
gerechtsoort : gevogeltegerecht
bron : Erie Fraters [KIPenGEVOGELTE_recepten]